. Eind december 1962 kwam Elly de Waard in het leven van Chris van Geel. “De komst van Elly de Waard betekende wel enige modernisering”, schreef J.P. Guépin later in zijn ‘levensbericht’ van Van Geel. Om te beginnen kreeg de dichter, die tot dan toe een echte brievenschrijver was, nu telefoon. Uit de correspondentie tussen Van Geel en Judith Herzberg valt op te maken dat de aansluiting ergens tussen eind mei en begin juni 1963 plaatsgevonden moet hebben. In die dagen bereikte haar het bericht dat hij telefoon had gekregen – per brief, of zou hij haar zelf gebeld hebben? In ieder geval schrok Herzberg van dit nieuws, zo meldde zij hem (per brief, 9 juni 1963): “Lieve Chris, ik kreeg de schrik: krijg ik nu nooit meer een brief van je?” Het nieuws vervulde haar met enige weemoed: “Je had zo iets mooi onstoorbaars.” En zij maakte zich zorgen over de gevolgen: “Nu veranderen je gedichten zeker ook.” Maar Van Geel stelde haar al snel daarna gerust,...
. Dit is een kort gedicht van Chris van Geel, over een non, in nonnengewaad, gezien in de trein. Het komt uit zijn debuutbundel Spinroc en andere verzen (1958), dus het speelt zich af in de jaren vijftig van de vorige eeuw: NON IN DE TREIN Een non zit in een hoek bebrild uit Goliaths manchet te zien. Zij denkt aan God zo ongewild als mannen aan een naakt misschien. Simon Vestdijk rekende het (in zijn bespreking in De Gids , november 1958) tot een van de “voluit geslaagde gedichten” uit de bundel. Hij noemde het een “waarlijk overrompelend” gedicht, en dan vooral vanwege het beeld in de tweede regel. Goliath is bekend uit het Bijbelverhaal over David en Goliath, in 1 Samuël 17. Hij was “een kampvechter, uit het leger der Filist...