. In de nacht van 11 op 12 februari 1972 brandde het huis van Chris van Geel en Elly de Waard af. Zij waren niet thuis toen het gebeurde. Toen ze diep in de nacht in Groet aankwamen, was de brand al geblust. “Alles was veranderd in een natte prut”, vertelde Van Geel later. Maar alles stond nog wel min of meer op zijn eigen plaats. Dat werd anders toen de brandweer besloot de muren toch maar omver te trekken, omdat er gevaar voor instorting bestond. Er ging bij de brand van alles verloren, maar toch bleek een nog verrassend groot deel van de brieven, gedichten en tekeningen gered te kunnen worden. De Amsterdamse hoogleraar Hellinga zorgde ervoor dat er de volgende dag al een busje bij het afgebrande huis stond om nog zoveel mogelijk van de aangebrande natte manuscripten en andere papieren in veiligheid te brengen. Ze werden voorlopig naar het Ceres-gebouw in Amsterdam gebracht, een dependance van de Universiteitsbibliotheek. ...
Over en van de dichter Chr.J. van Geel — door Guus Middag