Doorgaan naar hoofdcontent

Viola

.
Begin augustus 1981 werd Viola Holt-van Emmenes (1949-2025) ontslagen als omroepster van de NOS, omdat ze te laat op haar werk was verschenen. Hugo Brandt Corstius sprak er schande van, in De Volkskrant van 14 augustus 1981, in zijn gedaante van Stoker. In zijn column hief hij een lange lyrische lofzang op haar aan.

“Viola – mijn hart, mijn oogappel, mijn natgezoende kathodestraalbuis, mijn kingeheven viool, mijn gestolde piratenpornofilm, pauzebeeld op mijn netvlies!”

Hij herinnerde eraan dat zij twaalf jaar eerder ook al eens was ontslagen, toen bij de AVRO, zogenaamd vanwege haar aanhoudende heesheid, maar in werkelijkheid, althans volgens haar zelf, omdat de vrouw van haar baas niet verdroeg dat hij haar het hof maakte. Ze werd “van het scherm geveegd” schreef Brandt Corstius, nog steeds verontwaardigd.

In 1969 was hij ook al een fan van haar, en hij was niet de enige:

“Chris van Geel en ik wilden een actie beginnen om haar terug te krijgen. Maar we hadden ons kijkgeld niet betaald.”

Kijkgeld was tot het jaar 2000 een belasting op het bezit van een televisietoestel. Wie geen televisietoestel bezat, hoefde geen kijkgeld te betalen. Wie geen kijkgeld betaalde werd dan ook geacht geen televisietoestel te bezitten. Maar hoe zou zo iemand dan Viola kunnen kennen, laat staan een actie beginnen om haar terug te laten keren op de kathodestraalbuis?


Reacties

Populaire posts van deze blog

Lente

. In  Spinroc en andere verzen  (1958), de debuutbundel van Chris van Geel, staat een voor zijn doen nogal lang gedicht, van vijftien regels, verdeeld over drie strofen, in een voor zijn doen weinig compacte, spreektalige stijl:        LENTE ’57        Voor wat het mooie weer verstoort,        het ritselen van dorre bladeren, de wind,        de grijze veren aan de horizon,        ben ik een stal met open deuren        om in te rijden, uit te rijden,        het nadenken een bergplaats.        Voor zon heb ik geen oog,        zij laat mij koud, zij klimt onhandelbaar        en speelt haar sluiers eindeloos.   ...

Krispijn

. De dichter Chr.J. van Geel was al 41 jaar oud toen hij, in 1958, debuteerde, met een dikke bundel: Spinroc en andere verzen , 148 pagina’s. In de jaren daarvoor had hij al veel gedichten geschreven, maar zonder daarvan iets te publiceren. Van Geel was erg kritisch op zichzelf, en onzeker – wat in dit geval vermoedelijk wel hetzelfde is. Hij kon erg goed twijfelen.        Zijn vriend Enno Endt en zijn levensgezel Thérèse Cornips stelden in 1955 daarom, zonder dat hij het wist, een strenge bloemlezing samen uit alle gedichten die zij op dat moment voorgelegd hadden gekregen: 78 gedichten die zij goed genoeg vonden voor publicatie en waarvan zij dachten dat Van Geel dat eigenlijk ook wel vond. Enno Endt schreef ze allemaal met de hand over in twee schoolschriften. De titel voor deze stiekem uitgekozen gedichten was Roofdruk , de vakterm voor een uitgave waarvan de auteur geen weet heeft. Ze legden de twee schriften voor aan enkele uitgevers, maar het k...

Gandhi

. In zijn column van afgelopen maandag op de opiniepagina van NRC haalde Stephan Sanders een gesprekje aan tussen een journalist en Mahatma Gandhi (1869-1948). Gandhi was, kort gezegd, de man die Brits-Indië voorging in de geweldloze bevrijding van de koloniale bezetter. In 1947 werd India onafhankelijk. Gandhi had zo zijn gedachten over de cultuur van de westerlingen, zoals blijkt uit dit korte gesprek:        – En wat denkt u van de westerse beschaving?        – Ik denk dat het een goed idee zou zijn. De kenner van het werk van Chr.J. van Geel zal dit citaat bekend voorkomen. In januari 1968 nam Barbarber deze tekst van hem op:        INTERVIEW MET GANDI        – Wat denkt u van de europese kultuur?        – Een goed idee. Van Geel zal het ergens in een krant of tijdschrift zijn tegengekomen en hij z...